Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 september 2019

Onder 3.29 Parket bij de Hoge Raad 6 september 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 september 2019, ECLI:NL:PHR:2019:979.

Moeilijkheid bij de uitleg van deze overweging is dat punt 4 van de memorie van grieven geen bewijsaanbod bevat. In die alinea vat [eiser] de gang van zaken in eerste aanleg samen. Waarschijnlijk heeft het hof een schrijffout gemaakt en is bedoeld punt 41 van de memorie van grieven. Daarop ziet de klacht van het onderdeel echter niet. Die klacht ziet op het passeren van de bewijsaanbiedingen zoals opgenomen in punt 16 van de memorie van grieven en punt 14 van de akte van 17 januari 2017. Eerstbedoeld bewijsaanbod ziet op de stelling van [eiser] dat uitsluitend [A] en niet ook [verweerder] werkzaamheden uitvoerde. De juistheid van deze stelling is door het hof in het midden gelaten, zodat [eiser] bij de klacht in zoverre geen belang heeft. Laatstbedoeld bewijsaanbod ziet op de stelling dat sprake is van een bedrijfsmatige landbouwkundige exploitatie van het weiland. Ook dat heeft het hof in het midden gelaten. Volgens het hof is geen sprake van pacht omdat met het eventuele bedrijfsmatige landbouwkundige gebruik door [A] niet uitdrukkelijk door [verweerder] is ingestemd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2cd3c7a201900afd9087aa92eb5680e4c213b4e70b679d3eb196041f7a4d6751. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2cd3c7a201900afd9087aa92eb5680e4c213b4e70b679d3eb196041f7a4d6751, en de alinea staat in dat document op bytes 43274 tot 44373.