Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 januari 2020
Onder 2.59 Parket bij de Hoge Raad 3 januari 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 januari 2020, ECLI:NL:PHR:2020:10.
Het hof heeft (in navolging van de voorzieningenrechter) in rov. 4.2 voorop gesteld dat de bescheiden waarin Heraeus inzage vordert weliswaar niet zeer exact hoeven te worden omschreven, maar dat de beschrijving van de bescheiden wel zodanig concreet moet zijn dat duidelijk is waarop wordt gedoeld en dat getoetst kan worden of Heraeus een rechtmatig belang heeft bij inzage.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0bb638d36e81bc5e847076b732a8cf29d7c89a9643c83a5079ec0f2eeee4c6e5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0bb638d36e81bc5e847076b732a8cf29d7c89a9643c83a5079ec0f2eeee4c6e5, en de alinea staat in dat document op bytes 110971 tot 111360.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0bb638d36e81bc5e847076b732a8cf29d7c89a9643c83a5079ec0f2eeee4c6e5 | shasum -a 256