Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 november 2020

Alinea 101 Parket bij de Hoge Raad 3 november 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 november 2020, ECLI:NL:PHR:2020:1018.

“4.3.1 Het hof heeft, gelet op de toewijzing van de vordering tot vergoeding van immateriële schade, kennelijk geoordeeld dat met betrekking tot de benadeelde partij sprake is van een aantasting in de persoon ‘op andere wijze’, als bedoeld in artikel 106, aanhef en onder b, van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW), welke aantasting het gevolg is van het bewezenverklaarde feit, kort gezegd brandstichting aan de boot van [betrokkene 8] .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dcf64decb642aa484c2b7d25e401aaa72eb32dc8152322343abae6dd022adc51. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dcf64decb642aa484c2b7d25e401aaa72eb32dc8152322343abae6dd022adc51, en de alinea staat in dat document op bytes 41479 tot 41950.