Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2020

Onder 3.4.2 Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2020, ECLI:NL:PHR:2020:1061.

Uit het arrest volgt verder dat onder meer de klachten gericht tegen het oordeel dat de datum van 28 februari 2011 voor de afronding van de IAT tussen partijen het karakter heeft van een fatale termijn, niet tot cassatie leiden (rechtsoverweging 3.5, in samenhang met onderdeel 2 van het cassatiemiddel). Voorts is onder meer onderdeel 4.7 – gericht tegen het oordeel van het hof ’s-Hertogenbosch in overweging 6.14 van het eindarrest dat de schade aan Alert c.s. is toe te rekenen – onbehandeld gelaten (rechtsoverweging 3.4.3).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/83c8fde835f271b6b68643a756de894a648dbeb4b32606fa8fa098c60a26bc9b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 83c8fde835f271b6b68643a756de894a648dbeb4b32606fa8fa098c60a26bc9b, en de alinea staat in dat document op bytes 22062 tot 22610.