Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2020
Onder 5.6 Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2020, ECLI:NL:PHR:2020:111.
Dat brengt mij bij de motiveringsklacht in onderdeel 2 (zie nr. 3.3). Deze klacht faalt eveneens. Ervan uitgaande dat het hof art. 23 lid 4 van de statuten van [verweerster] Beheer (impliciet) heeft betrokken in zijn oordeel, en dat neem ik met het onderdeel aan, moet de gevolgtrekking daarvan zijn dat het hof deze statutaire bepaling niet aldus heeft uitgelegd dat deze in de weg staat aan de conclusie die het hof bereikt in rov. 6.21 (gevolgd door rov. 6.22 en het dictum) en die onderdeel 1 vruchteloos bestrijdt (zie nrs. 5.2-5.5). Onbegrijpelijk is deze uitleg geenszins, mede gelet op paragraaf 4, in het bijzonder onderdeel g (nrs. 4.44-4.48).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2efa9075c30b6eb75f9553fd6cb395401f37c1752878cb77750f7bb8d9c85ac5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2efa9075c30b6eb75f9553fd6cb395401f37c1752878cb77750f7bb8d9c85ac5, en de alinea staat in dat document op bytes 152448 tot 153178.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2efa9075c30b6eb75f9553fd6cb395401f37c1752878cb77750f7bb8d9c85ac5 | shasum -a 256