Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 december 2020

Onder 2.23 Parket bij de Hoge Raad 18 december 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 december 2020, ECLI:NL:PHR:2020:1202.

Deze klachten lenen zich voor een gezamenlijke behandeling. Ter inleiding stel ik voorop dat het Caribische appelprocesrecht geen grievenstelsel kent. In Caribische zaken kan de appelrechter ambtshalve – buiten de grieven om en zelfs bij gebreke van grieven – tot vernietiging van de in appel bestreden uitspraak overgaan, met dien verstande dat het appel niet mag leiden tot een voor de appellant ongunstiger beslissing dan die waartegen hij is opgekomen. Het verbod van ‘ reformatio in peius ’ – de regel dat het hoger beroep van de appellant niet mag leiden tot een voor hem ongunstiger resultaat – geldt dus in het Caribische appelprocesrecht evenzeer als in het Nederlandse. Wel wordt betoogd dat de mogelijkheid van ambtshalve vernietiging meebrengt dat, indien incidenteel hoger beroep is ingesteld (zoals in dit geval), een vernietiging ten gunste van de incidenteel appellant buiten de incidentele grieven om mogelijk is. Per saldo is de principaal appellant dan als gevolg van het instellen van hoger beroep slechter af. Overigens kunnen feitelijke ontwikkelingen sinds het in appel bestreden vonnis ook meebrengen dat de appellant in feitelijke zin slechter af is door zijn appel, ook al is in juridische zin geen sprake van een verboden verslechtering.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0dea9331002bf1275d6fdb95063b11933b791bced39c4723584ddbf91914faa2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0dea9331002bf1275d6fdb95063b11933b791bced39c4723584ddbf91914faa2, en de alinea staat in dat document op bytes 57995 tot 59701.