Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 december 2020

Onder 1.14 Parket bij de Hoge Raad 18 december 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 december 2020, ECLI:NL:PHR:2020:1202.

- Hoewel het er alle schijn van heeft dat er sprake is van wanprestatie doordat de strandexploitant de op 1 maart 2014 mondeling of stilzwijgend aangegane huurovereenkomst met het watersportbedrijf niet schriftelijk heeft geformaliseerd, staat de zaak in hoger beroep in de sleutel van een onrechtmatige daad, bestaande in het ongeoorloofd afbreken van de onderhandelingen door de strandexploitant. Het hof zal de vordering aan de hand van de desbetreffende maatstaven beoordelen. Tot een verschil in uitkomst leidt dat niet (rov. 2.4.1).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0dea9331002bf1275d6fdb95063b11933b791bced39c4723584ddbf91914faa2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0dea9331002bf1275d6fdb95063b11933b791bced39c4723584ddbf91914faa2, en de alinea staat in dat document op bytes 30558 tot 31109.