Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 december 2020
Onder 4.4 Parket bij de Hoge Raad 4 december 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 december 2020, ECLI:NL:PHR:2020:1230.
Art. 6:97 BW bepaalt dat de rechter de schade begroot op de wijze die het meest met de aard ervan in overeenstemming is. De bepaling komt erop neer dat de rechter bij de begroting van de schade en ook bij de keuze op welke wijze de begroting moet plaatsvinden, een grote mate van vrijheid heeft. Dit brengt mee dat het oordeel dienaangaande zich slechts in beperkte mate leent voor toetsing in cassatie. De wijze van begroting is sterk met de feiten verweven en kan in zoverre in cassatie niet op zijn juistheid worden getoetst. Wel zal in cassatie kunnen worden getoetst of de rechter blijk heeft gegeven van een onjuiste rechtsopvatting omtrent het begrip schade of ter zake van de wijze van begroting en voorts of het oordeel voldoende begrijpelijk is gemotiveerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/32bfbd4e0ff5ea5a134ecbd37583a6ad7ddf1af25f678c2584a7739d3c0c5828. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 32bfbd4e0ff5ea5a134ecbd37583a6ad7ddf1af25f678c2584a7739d3c0c5828, en de alinea staat in dat document op bytes 90163 tot 91071.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/32bfbd4e0ff5ea5a134ecbd37583a6ad7ddf1af25f678c2584a7739d3c0c5828 | shasum -a 256