Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2020

Onder 3.32 Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2020, ECLI:NL:PHR:2020:141.

- het hof heeft ingeschat dat de belastingrechter zou hebben vastgesteld dat [A] BV om zakelijke reden niet wilde herinvesteren. Het hof heeft overwogen dat [eiser] in de onderhavige procedure weliswaar aanbiedt te bewijzen dat er continu een voornemen tot herinvesteren bestond, maar dat of dit voldoende zou komen vast te staan in de fictieve belastingprocedure niet kan worden beoordeeld zonder rekening te houden met de concrete uitlatingen die [A] BV in de brief van 7 oktober 2010 aan de Inspecteur heeft gedaan. Een continu aanwezig voornemen kan nu eenmaal, zo heeft het hof overwogen, slechts worden vastgesteld aan de hand van concrete gedragingen en uitlatingen van de belastingplichtige, gedaan in de relevante periode van drie jaren (rov. 3.10.9., eerste alinea);

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/caf8d5830592f12a0eff1420b8e163c27c8ad1293b75076dbdaedbf7f93203c3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt caf8d5830592f12a0eff1420b8e163c27c8ad1293b75076dbdaedbf7f93203c3, en de alinea staat in dat document op bytes 83071 tot 83861.