Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2020

Onder 2.10 Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2020, ECLI:NL:PHR:2020:141.

Met grief 4 heeft [eiser] erover geklaagd dat de rechtbank bij de weergave van de feiten ten onrechte heeft nagelaten de inhoud te vermelden van de door de rechtbank aangehaalde brieven en bovendien in rov. 4.4.2. een onjuiste uitleg aan deze brieven heeft gegeven. Het hof heeft vastgesteld dat het hier gaat om de brief van 24 augustus 2010 van de Inspecteur aan [A] BV en de brief van 7 oktober 2010 van [A] BV aan de Inspecteur. Het hof heeft grief 4 laten falen, nu uit de toelichting niet blijkt dat de uitleg die de rechtbank aan voormelde brieven heeft gegeven, onjuist zou zijn. [eiser] heeft, ook in hoger beroep, geen kopieën van deze brieven overgelegd. Het hof heeft voorts verwezen naar de hierna (randnummers 2.13 e.v.) nog te bespreken beoordeling van de grieven 8 tot en met 11 waarin met name de brief van 7 oktober 2010 is betrokken (rov. 3.7.).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/caf8d5830592f12a0eff1420b8e163c27c8ad1293b75076dbdaedbf7f93203c3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt caf8d5830592f12a0eff1420b8e163c27c8ad1293b75076dbdaedbf7f93203c3, en de alinea staat in dat document op bytes 25700 tot 26578.