Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 februari 2020

Onder 2.16 Parket bij de Hoge Raad 21 februari 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 februari 2020, ECLI:NL:PHR:2020:173.

In de literatuur is nog het voorbeeld gegeven van een constructie met een commanditaire vennootschap met verschillende commanditaire (stille) vennoten en één of meer beherend venno(o)t(en), die het vastgoed verhuurt, en een stichting (bewaarder) die juridisch eigenaar is van het vastgoed. Kennelijk was de wetgever van oordeel dat toepassing van art. 7:226 BW in een dergelijk geval overbodig is, omdat het verbintenissenrecht de huurder reeds voldoende bescherming biedt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2809538cc2ea39ea8507d9dd3089ad0d295a4b00d4a5bb3c27b0b70b8192f522. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2809538cc2ea39ea8507d9dd3089ad0d295a4b00d4a5bb3c27b0b70b8192f522, en de alinea staat in dat document op bytes 41061 tot 41614.