Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 februari 2020
Onder 9.28.3 Parket bij de Hoge Raad 21 februari 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 februari 2020, ECLI:NL:PHR:2020:175.
In de literatuur is deze ruime toepassing van de tenzij-clausule in de medische context overwegend kritisch beoordeeld. Volgens deze schrijvers maken een aantal omstandigheden de toerekening aan de hulpverlener juist redelijk. Zeer kort samengevat, wordt van belang geacht dat het in de regel de arts of het ziekenhuis is die het hulpmiddel heeft uitgekozen en dat de patiënt daarop geen enkele invloed heeft uitgeoefend. Een ruime toerekening zou dan een prikkel kunnen zijn voor het zorgvuldig selecteren van het hulpmiddel en de leverancier/producent. Hiermee samenhangend is de omstandigheid dat de arts of het ziekenhuis een contract met de leverancier/producent heeft gesloten en op grond daarvan eenvoudiger schade kan verhalen dan de patiënt dat zou kunnen. Verder beschikt de arts over deskundigheid en ontbreekt die doorgaans bij de patiënt. Een arts zou daarom beter in staat zijn om te achterhalen of complicaties door een beroepsfout of een ongeschikt medisch hulpmiddel zijn veroorzaakt. Ook wordt van belang geacht dat het gebruikelijk is dat artsen en ziekenhuizen zich tegen aansprakelijkheid verzekeren en dat de door ongeschikte hulpzaken veroorzaakte schade onder de dekking daarvan zou vallen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d83febb217800c2e384eb18c7c886f1c42a0b27c1683d4591317ccbe23f73b07. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d83febb217800c2e384eb18c7c886f1c42a0b27c1683d4591317ccbe23f73b07, en de alinea staat in dat document op bytes 165081 tot 166376.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d83febb217800c2e384eb18c7c886f1c42a0b27c1683d4591317ccbe23f73b07 | shasum -a 256