Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 maart 2020
Onder 7.2. Parket bij de Hoge Raad 10 maart 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 maart 2020, ECLI:NL:PHR:2020:207.
De achtergrond van het vereiste dat de verdachte de gelegenheid heeft gehad na te denken over de betekenis en de gevolgen van zijn voorgenomen daad en zich daarvan rekenschap te geven, is dat in het geval vaststaat dat de verdachte die gelegenheid heeft gehad, het redelijk is aan te nemen dat de verdachte gebruik heeft gemaakt van die gelegenheid en dus daadwerkelijk heeft nagedacht over de betekenis en de gevolgen van zijn voorgenomen daad en zich daarvan rekenschap heeft gegeven (vergelijk het overleg en nadenken dat in de wetgeschiedenis is geplaatst tegenover de ogenblikkelijke gemoedsopwelling).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/72e5d218ece3f986f0f3792815ac44daf50ebc61db916028be7ed9eecfd94c8c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 72e5d218ece3f986f0f3792815ac44daf50ebc61db916028be7ed9eecfd94c8c, en de alinea staat in dat document op bytes 67809 tot 68431.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/72e5d218ece3f986f0f3792815ac44daf50ebc61db916028be7ed9eecfd94c8c | shasum -a 256