Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 maart 2020
Alinea 72 Parket bij de Hoge Raad 10 maart 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 maart 2020, ECLI:NL:PHR:2020:219.
2.4.4 Van overwegende bedenkingen in de zin van art. 5, aanhef en onder b, Lpw kan derhalve alleen sprake zijn indien de overwegende bedenkingen die worden aangevoerd, i) verband houden met ernstige gemoedsbezwaren van de in art. 2, eerste lid, Lpw bedoelde persoon die berusten op een welbepaalde godsdienstige overtuiging of levensbeschouwing, ii) betrekking hebben op de richting en derhalve de fundamentele oriëntatie, ontleend aan een welbepaalde godsdienstige overtuiging of levensbeschouwing, van – kort gezegd – het in art. 5, aanhef en onder b, Lpw bedoelde onderwijs en iii) voldoende concrete en voldoende zwaarwegende bezwaren betreffen die verband houden met onderwijs zoals een school dat kan bieden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f3fb13ac0dbf1d183445231a34da42ae07e2a7999f884b1c7b50712d07948ab7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f3fb13ac0dbf1d183445231a34da42ae07e2a7999f884b1c7b50712d07948ab7, en de alinea staat in dat document op bytes 35714 tot 36446.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f3fb13ac0dbf1d183445231a34da42ae07e2a7999f884b1c7b50712d07948ab7 | shasum -a 256