Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2020

Onder 2.37 Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2020, ECLI:NL:PHR:2020:234.

Uit de hiervoor vermelde citaten blijkt dat de stelling van [eiser] zoals weergegeven in subonderdeel IIIc niet geheel overeenstemt met hetgeen in het proces-verbaal is opgenomen. Verder is de opmerking van [verweerster] over de aanspraak die [eiser] jegens [betrokkene 1] heeft slechts onderdeel van de bredere stelling dat er ook voordelen voor [eiser] aan de vaststellingsovereenkomst zitten. Daarover heeft het hof in rov. 2.18 een uitvoerig gemotiveerd oordeel gegeven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb735cce3fb045350343019979b1359d17570363e935b6f7d546ab6fd75526ac. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb735cce3fb045350343019979b1359d17570363e935b6f7d546ab6fd75526ac, en de alinea staat in dat document op bytes 58877 tot 59364.