Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2020

Onder 2.3 Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2020, ECLI:NL:PHR:2020:234.

Het onderdeel klaagt dat het hof met zijn oordeel dat het aan [eiser] is te stellen en zo nodig te bewijzen dat [verweerster] de door hem ondertekende verklaring redelijkerwijs niet heeft mogen opvatten als een instemming met de inhoud daarvan (art. 3:35 BW), hetzij blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting (subonderdeel Ia), hetzij zijn oordeel onvoldoende begrijpelijk heeft gemotiveerd (subonderdelen 1b en 1c).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb735cce3fb045350343019979b1359d17570363e935b6f7d546ab6fd75526ac. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb735cce3fb045350343019979b1359d17570363e935b6f7d546ab6fd75526ac, en de alinea staat in dat document op bytes 24981 tot 25413.