Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2020

Onder 2.1 Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2020, ECLI:NL:PHR:2020:240.

Art. 612 Rv bepaalt dat de rechter een veroordeling tot schadevergoeding op te maken bij staat kan uitspreken indien begroting van de schade in zijn vonnis niet mogelijk is. Art. 613 Rv schrijft voor dat de tenuitvoerlegging van een dergelijke veroordeling aanvangt met de betekening van een schadestaat (“een staat waarin het beloop van de schade waarvan de vereffening wordt gevorderd, gespecificeerd wordt opgegeven”). In de wetsgeschiedenis is de schadestaatprocedure getypeerd als een vorm van “ exécution par suite d’instance ”. Voor de verhouding tussen hoofdprocedure en schadestaatprocedure betekent dit, aldus de memorie van toelichting, “dat enerzijds de veroordeling tot schadevergoeding op te maken bij staat een eindvonnis is, doch anderzijds de schadestaatprocedure in beginsel als een voortzetting van de hoofdzaak moet worden gezien”.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5fc77fc3feb5000aae89dbd2c6f3473a31c611b623ac15e1f7a12ec78d4dae1f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5fc77fc3feb5000aae89dbd2c6f3473a31c611b623ac15e1f7a12ec78d4dae1f, en de alinea staat in dat document op bytes 13943 tot 14983.