Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2020

Onder 2.7 Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 maart 2020, ECLI:NL:PHR:2020:241.

Ingevolge het bepaalde in art. 166 lid 1 Rv, in verbinding met art. 353 lid 1 Rv, moet ook in hoger beroep een partij tot getuigenbewijs worden toegelaten indien zij voldoende specifiek bewijs aanbiedt van feiten die tot beslissing van de zaak kunnen leiden. Op grond van vaste rechtspraak kan bij de beoordeling van deze klachten tot uitgangspunt worden genomen dat het antwoord op de vraag of een bewijsaanbod voldoende specifiek is, afhangt van de omstandigheden van het geval, waarbij de rechter, mede in verband met de eisen van een goede procesorde, zal moeten letten op de wijze waarop het processuele debat zich heeft ontwikkeld en het stadium waarin de procedure verkeert.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f3631ff92a85acdf6914b0971416b2382160818a07c6577cd4f5c68ce5a6c941. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f3631ff92a85acdf6914b0971416b2382160818a07c6577cd4f5c68ce5a6c941, en de alinea staat in dat document op bytes 17908 tot 18602.