Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 april 2020

Onder 2.7 Parket bij de Hoge Raad 3 april 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 april 2020, ECLI:NL:PHR:2020:317.

Tot slot voert AstraZeneca aan dat Sandoz geen belang heeft bij haar cassatieberoep omdat zij in haar PA onder 30 zelf aangeeft dat de door haar aanvankelijk verdedigde probleemstelling en de door het hof gehanteerde probleemstelling tot hetzelfde resultaat leiden (s.t. 9d, 40d en 54). Dit verweer mist feitelijke grondslag volgens mij. Sandoz heeft in de aangehaalde passage aangevoerd dat het ogenschijnlijk niet uitmaakt of de uit Howell bekende voordelige effecten in het kader van stap 2 of stap 3 van de PSA worden meegewogen (zie hiervoor 1.16). Sandoz heeft dus niet in algemene zin betoogd dat de door het hof gebruikte probleemstelling tot hetzelfde resultaat leidt als haar aanvankelijke probleemstelling. Dit geldt alleen als voor ogen wordt gehouden dat de voordelige effecten van EP 138 al bekend waren uit Howell (hetgeen het hof volgens Sandoz niet heeft gedaan, zie onderdeel Id (v) en hierna 2.44 en 2.46) en, uitgaande van de aanvankelijke probleemstelling van Sandoz, bij stap 3 van de PSA wordt meegewogen dat de vakman de voordelige effecten uit Howell wil behouden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/46bbbbedfd3e6628a67de461fc987e4586ce637836b5184c453408d2cb391416. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 46bbbbedfd3e6628a67de461fc987e4586ce637836b5184c453408d2cb391416, en de alinea staat in dat document op bytes 55493 tot 56596.