Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 april 2020

Onder 3.43 Parket bij de Hoge Raad 3 april 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 april 2020, ECLI:NL:PHR:2020:356.

In deze zaak verzocht de officier van justitie “onder verwijzing naar de bijlagen” aan de rechtbank om ‘een’ machtiging te verlenen tot voortzetting van de crisismaatregel; zie alinea 1.3 hiervoor. Kennelijk heeft de rechtbank het verzoek opgevat in die zin, dat de officier van justitie slechts een voorstel deed ten aanzien van de in de machtiging op te nemen vormen van verplichte zorg, maar zijn verzoek niet heeft beperkt tot die vormen van verplichte zorg. Zo opgevat, is de rechtbank niet buiten de grenzen van het verzoek getreden en faalt deze klacht. Voor het geval dat de Hoge Raad hierover anders zou oordelen, rijst de vraag of de officier van justitie zijn verzoek nog had kunnen aanvullen. Indien de officier van justitie ter zitting aanwezig is, kan hij een aanvullend verzoek indienen. De praktijk lijkt vooralsnog hiermee soepel om te gaan: als de officier van justitie niet aanwezig is, wordt hij opgebeld waarna het verzoek is aangevuld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a5129be3e691e7b1aa02651b551cbb964377b1ddec5424af9a41216a487a8d2b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a5129be3e691e7b1aa02651b551cbb964377b1ddec5424af9a41216a487a8d2b, en de alinea staat in dat document op bytes 86601 tot 87643.