Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020
Onder 4.99 Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020, ECLI:NL:PHR:2020:358.
4.168 Nu een contractuele verhouding tussen de niet-bank en de cliënt ontbreekt, geldt voor de niet-bank niet het contractuele regime van artikel 2 van de ABV, art. 6:248 lid 1 BW en art. 7:401 BW. Uit het Hypinvest -arrest (dat ziet op (bescherming tegen) overkreditering) zou kunnen worden afgeleid dat op de niet-bank als aanbieder van krediet (dan wel de kredietbeheerder waaraan de niet-bank het beheer en de uitvoering van de kredietvordering uitbesteedt) wellicht wel een specifieke (bijzondere) zorgplicht zou kunnen rusten, indien zij krediet aanbiedt in de zin van de Wft. Hoe ver deze specifieke zorgplicht, die gelet op de definitie van ‘aanbieden’ alleen betrekking heeft op kredietovereenkomsten gesloten met consumenten, strekt, is afhankelijk van de specifieke omstandigheden van het geval. De niet-bank is in ieder geval gebonden aan diverse open normen, waaronder in het bijzonder art. 6:2 BW. De zelfstandige verplichting die rust op de niet-bank om zich tegenover de schuldenaar te gedragen overeenkomstig de eisen van redelijkheid en billijkheid (art. 6:2 lid 1 BW), wordt ingekleurd door alle omstandigheden van het geval. Daartoe behoort wat mij betreft ook de omstandigheid dat de niet-bank de vordering overgedragen heeft gekregen van een bank voor welke een bijzonder regime geldt. De concrete invulling van de open normen voor de niet-bank kan afwijken van het bijzondere regime dat geldt voor de bank, niet alleen omdat de gerechtvaardigde belangen van een niet-bank niet noodzakelijk steeds samenvallen met die van een bank, maar ook omdat de niet-bank het krediet slechts beheert en uitvoert en niet over alle bevoegdheden beschikt waarover de bank wél beschikt (zoals het aantrekken van opvorderbare gelden (verschaffing aanvullend krediet)). Hier stuiten we op de grenzen die uit de Wft voortvloeien.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7804ab1e4a64d7f9f38f80d057556a51ae16f3817245e112f2750776df2d2f91. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7804ab1e4a64d7f9f38f80d057556a51ae16f3817245e112f2750776df2d2f91, en de alinea staat in dat document op bytes 276796 tot 278682.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7804ab1e4a64d7f9f38f80d057556a51ae16f3817245e112f2750776df2d2f91 | shasum -a 256