Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020

Onder 4.99 Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020, ECLI:NL:PHR:2020:358.

4.169 Met haar derde prejudiciële vraag stelt de rechtbank aan de orde of het uitmaakt of de cliënt de kredietovereenkomst al dan niet volledig is nagekomen en/of de bank de bankrelatie heeft opgezegd. Niet valt in te zien waarom dat relevant zou zijn voor de vraag of de aard van het vorderingsrecht van een bank op een cliënt meebrengt dat dit vorderingsrecht onoverdraagbaar is in de zin van art. 3:83 lid 1 BW, indien wordt beoogd de vordering over te dragen aan een niet-bank. Ook voor het antwoord op de vraag of op de niet-bank aan welke de vordering wordt overgedragen zorgverplichtingen of zorgplichten rusten (en zo ja, hoe deze zich verhouden tot de publiekrechtelijke regels die op een bank van toepassing zijn en op de zorgverplichtingen en zorgplichten die op een bank rusten), maakt het niet uit of de cliënt de kredietovereenkomst al dan niet volledig is nagekomen en/of de bank de bankrelatie heeft opgezegd. Voor de concrete inhoud van de zorgverplichtingen die op de niet-bank rusten (doordat de niet-bank onderworpen is aan diverse open normen waaronder art. 6:2 BW), maakt het mogelijk wel verschil of de cliënt de kredietovereenkomst al dan niet volledig is nagekomen en/of de bank de bankrelatie heeft opgezegd, nu deze inhoud wordt bepaald door alle omstandigheden van het geval.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7804ab1e4a64d7f9f38f80d057556a51ae16f3817245e112f2750776df2d2f91. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7804ab1e4a64d7f9f38f80d057556a51ae16f3817245e112f2750776df2d2f91, en de alinea staat in dat document op bytes 278747 tot 280103.