Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020
Onder 3.18 Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020, ECLI:NL:PHR:2020:359.
Voor zover het gaat om verbintenissen tot betaling van een geldsom, lijkt de aard van het recht zich niet tegen overdracht te verzetten, omdat het voor het betalen van een geldsom in de regel niet uitmaakt aan wie de betaling moet worden gedaan. De overdracht van de vordering brengt echter ook mee dat de nieuwe schuldeiser de nevenrechten kan uitoefenen waarover de voormalige schuldeiser beschikte, bijvoorbeeld uit hoofde van zekerheidsrechten of een bevoegdheid de rente te wijzigen. Het is nu de vraag, zo heeft de rechtbank geconcludeerd, of dat betekent dat de aard van het recht zich tegen overdracht verzet. Daarvoor is van belang waarin banken verschillen van niet-banken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4486d77fabdffcdd6959f743b2d68db05b7cc84dc1625d09be6e09a53a957dad. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4486d77fabdffcdd6959f743b2d68db05b7cc84dc1625d09be6e09a53a957dad, en de alinea staat in dat document op bytes 47228 tot 47988.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4486d77fabdffcdd6959f743b2d68db05b7cc84dc1625d09be6e09a53a957dad | shasum -a 256