Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020
Onder 3.31 Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020, ECLI:NL:PHR:2020:359.
Het standpunt van Promontoria houdt (in essentie) in dat in het stelsel van de wet besloten ligt dat de vordering van een bank op een cliënt overdraagbaar is en dat de inhoud van de vordering die op de cessionaris overgaat, mede wordt bepaald door de bancaire zorgplicht. Bovendien rust volgens Promontoria op de cessionaris een verplichting om zich overeenkomstig de eisen van de redelijkheid en billijkheid te gedragen (art. 6:2 BW), welke verplichting mede wordt ingevuld door de bancaire zorgplicht die op de overdragende bank rustte, en kan de schuldenaar zich jegens de cessionaris op de naleving van de bancaire zorgplicht beroepen in de vorm van een verweermiddel (art. 6:145 BW). Volgens Promontoria is hierbij niet van belang of de bankrelatie al dan niet is opgezegd, zij het dat de concrete invulling van de zorgplicht zal worden beïnvloed door het antwoord op de vraag of al dan niet sprake is van een opgezegde kredietrelatie. Promontoria verzoekt Uw Raad af te zien van de beantwoording van de vierde prejudiciële vraag, nu de verhouding tussen de cliënt en de overdragende bank voor (de uitkomst van) de onderhavige procedure, waarin de overdragende bank geen partij is, geheel niet van belang is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4486d77fabdffcdd6959f743b2d68db05b7cc84dc1625d09be6e09a53a957dad. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4486d77fabdffcdd6959f743b2d68db05b7cc84dc1625d09be6e09a53a957dad, en de alinea staat in dat document op bytes 68478 tot 69747.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4486d77fabdffcdd6959f743b2d68db05b7cc84dc1625d09be6e09a53a957dad | shasum -a 256