Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020
Onder 4.15 Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020, ECLI:NL:PHR:2020:359.
Ook andere auteurs zitten op dit spoor. Zo betoogt Rongen dat vorderingen die op grond van de wet of naar hun aard niet (of beperkt) overdraagbaar zijn, afgezien van hun onoverdraagbaarheid, niet snel tot de categorieën van vorderingen behoren die aantrekkelijke vermogensobjecten zijn voor hedendaagse financiële transacties, zoals securitisation en factoring . Over het algemeen zal het bij dergelijke transacties gaan om vorderingen uit commerciële rechtsverhoudingen, zoals geldvorderingen uit overeenkomst, waarbij niet snel sprake zal zijn van vorderingen die vanwege de wet of hun aard onoverdraagbaar zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4486d77fabdffcdd6959f743b2d68db05b7cc84dc1625d09be6e09a53a957dad. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4486d77fabdffcdd6959f743b2d68db05b7cc84dc1625d09be6e09a53a957dad, en de alinea staat in dat document op bytes 92175 tot 92939.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4486d77fabdffcdd6959f743b2d68db05b7cc84dc1625d09be6e09a53a957dad | shasum -a 256