Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020

Onder 4.86 Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020, ECLI:NL:PHR:2020:359.

Gelet op de cruciale rol die banken vervullen in de maatschappij, zijn er strenge toezichtrechtelijke regels van toepassing op banken. In de eerste plaats zijn er regels van prudentiële aard die gericht zijn op het waarborgen van de soliditeit van banken. Daarnaast zijn banken onderworpen aan regels van gedragstoezicht. Behalve algemene gedragsregels gelden bij bepaalde diensten of bepaalde producten ook nog specifieke gedragsregels. Banken moeten zich dus zowel houden aan de prudentiële regels van Deel 3 van de Wft als aan algemene en specifieke gedragsregels uit Deel 4 van de Wft. Veel gedragsregels die van toepassing zijn op banken gelden alleen voor zover een bank een bepaald financieel product of een financiële dienst aanbiedt. Zo gelden bij het aanbieden van krediet de daarvoor relevante gedragsregels. Wanneer een bank krediet aanbiedt, kwalificeert de bank immers ook als financiëledienstverlener. Naast deze specifieke product- en dienstgerelateerde gedragsregels zijn op banken, als financiële onderneming en, bijvoorbeeld in geval van het aanbieden van krediet, ook als financiëledienstverlener, ook algemene gedragsregels van toepassing, zoals de regels ten aanzien van informatieverschaffing (art. 4:19-4:22 Wft) en de te betrachten zorgvuldigheid (art. 4:25 Wft).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4486d77fabdffcdd6959f743b2d68db05b7cc84dc1625d09be6e09a53a957dad. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4486d77fabdffcdd6959f743b2d68db05b7cc84dc1625d09be6e09a53a957dad, en de alinea staat in dat document op bytes 169501 tot 171064.