Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020

Onder 4.99 Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020, ECLI:NL:PHR:2020:359.

Uit het voorgaande blijkt dat het door de rechtbank in haar vonnis van 29 mei 2019 in deze zaak gesuggereerde verschil op het punt van het toezichtrecht tussen banken en niet-banken (hiervoor 3.19), behoorlijk moet worden gerelativeerd. Zo zijn de meeste gedragsregels waaraan een bank zich moet houden niet tot banken beperkt, maar gelden zij voor financiëledienstverleners in het algemeen. Ook een niet-bank die krediet aanbiedt (in Nederland) aan consumenten (dan wel de kredietbeheerder waaraan de niet-bank het beheer en de uitvoering van de kredietvordering uitbesteedt) is een financiëledienstverlener voor wie dan dus dezelfde gedragsregels gelden (hiervoor randnummer 4.86 en zie voor (enkele van) deze gedragsregels randnummers 4.88-4.94). Daar komt bij dat de enige bepaling uit Deel 3 van de Wft (die dus niet van toepassing is op financiëledienstverleners) die de rechtbank in haar vonnis aankaart, in vergelijkbare vorm is terug te vinden in Deel 4 (hiervoor randnummers 4.95 en 4.96).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4486d77fabdffcdd6959f743b2d68db05b7cc84dc1625d09be6e09a53a957dad. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4486d77fabdffcdd6959f743b2d68db05b7cc84dc1625d09be6e09a53a957dad, en de alinea staat in dat document op bytes 182249 tot 183265.