Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020
Onder 4.99 Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 april 2020, ECLI:NL:PHR:2020:359.
4.153 Bij de overdracht van een kredietvordering blijft de contractuele relatie tussen de bank en de cliënt in principe in stand. Dit betekent dat artikel 2 ABV geldt en dat de bank bij de overdracht zo goed mogelijk rekening dient te houden met de belangen van de cliënt wiens vordering wordt overgedragen. Dit geldt des te meer nu bij een overdracht van een kredietvordering (anders dan bij contractsoverneming) geen medewerking van de cliënt is vereist. De cliënt kan in geval van cessie niet voor zijn eigen belangen opkomen door bijvoorbeeld zijn medewerking te weigeren of daaraan voorwaarden te verbinden (zoals bij contractsoverneming wel het geval is). Ook indien de kredietvordering wordt overgedragen aan een niet-bank nadat de contractuele relatie tussen de bank en de cliënt reeds is beëindigd, zou mijns inziens op de bank een zorgplicht moeten (blijven) rusten ten opzichte van zijn (voormalige) cliënt. Nu de bank geacht wordt in alle fases die de kredietovereenkomst doorloopt (bij het ontstaan, gedurende de looptijd en bij het einde van de kredietverlening) een zorgplicht in acht te nemen, ligt het voor de hand dat dit ook het geval is bij overdracht van de kredietvordering.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4486d77fabdffcdd6959f743b2d68db05b7cc84dc1625d09be6e09a53a957dad. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4486d77fabdffcdd6959f743b2d68db05b7cc84dc1625d09be6e09a53a957dad, en de alinea staat in dat document op bytes 247613 tot 248992.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4486d77fabdffcdd6959f743b2d68db05b7cc84dc1625d09be6e09a53a957dad | shasum -a 256