Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 april 2020

Onder 3.4.4 Parket bij de Hoge Raad 3 april 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 april 2020, ECLI:NL:PHR:2020:360.

Ten aanzien van de billijke vergoeding van art. 7:681 lid 1, aanhef en onder a, BW, die in deze zaak aan de orde is, geldt het volgende. Het gaat in deze bepaling om een vernietigbare opzegging van de arbeidsovereenkomst. De werknemer heeft echter de vrijheid ervoor te kiezen de opzegging niet te vernietigen en in plaats daarvan een billijke vergoeding te verzoeken. In een geval waarin de opzegging van de arbeidsovereenkomst vernietigbaar is, kan geen doorslaggevende betekenis worden toegekend aan de doelstelling van de Wwz om de werkgeverskosten van - rechtmatig gegeven - ontslag te verlagen. De gevolgen van een dergelijk ontslag kunnen dan ook, voor zover deze zijn toe te rekenen aan de werkgever op grond van het hem te maken verwijt, niet geacht worden in alle gevallen reeds volledig te zijn gecompenseerd door een eventuele transitievergoeding. (…)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/844406bb604d6ae1524e8955e620eb0bf7d80d9c28c76d1e3d777d1be55ae014. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 844406bb604d6ae1524e8955e620eb0bf7d80d9c28c76d1e3d777d1be55ae014, en de alinea staat in dat document op bytes 115423 tot 116359.