Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 april 2020
Onder 5.33 Parket bij de Hoge Raad 3 april 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 april 2020, ECLI:NL:PHR:2020:360.
De vierde motiveringsklacht van subonderdeel (procesinleiding onder 34; s.t. onder 100) houdt ten slotte in dat als de laatste drie volzinnen van rov. 5.12 van de bestreden beschikking zo moeten worden begrepen dat het hof van oordeel is dat wat zich heeft voorgedaan op de dag waarop Werkneemster zich na de opzeggingsbrief weer bij New Hairstyle meldde, niet in de beschouwing kan worden betrokken omdat partijen deze feiten eerder naar voren hadden kunnen en moeten brengen, en dat die beslissing tevens zou zien op de betekenis van die feiten voor de beoordeling van de gevolgen van het ontslag, is die beslissing onbegrijpelijk. Het hof had daarvoor in rov. 5.18 immers juist vastgesteld dat de Hoge Raad partijen op dat punt de gelegenheid heeft gegeven hun stellingen aan te passen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/844406bb604d6ae1524e8955e620eb0bf7d80d9c28c76d1e3d777d1be55ae014. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 844406bb604d6ae1524e8955e620eb0bf7d80d9c28c76d1e3d777d1be55ae014, en de alinea staat in dat document op bytes 139744 tot 140584.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/844406bb604d6ae1524e8955e620eb0bf7d80d9c28c76d1e3d777d1be55ae014 | shasum -a 256