Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 april 2020
Onder 4.31 Parket bij de Hoge Raad 3 april 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 april 2020, ECLI:NL:PHR:2020:369.
Ik voeg daar aan toe dat er ook voor Hoge Raad m.i. geen reden bestaat om een prejudiciële vraag te stellen, temeer niet nu het Amtsgericht Hamburg zoals hiervoor aangegeven inmiddels al een prejudiciële vraag heeft gesteld die overeenkomt met de vraag die Ryanair heeft voorgesteld. Evenmin zie ik reden uw Raad te adviseren om zijn arrest in deze zaak aan te houden tot na de uitspraak van het Hof in zaak C-816/19. De reden daarvoor is dat – nog los van de omstandigheid dat de in dit subonderdeel aangevoerde rechtsklacht de cassatiegronden van art. 80 lid 1 RO te buiten gaat (zie hoofdstuk 3 van deze conclusie) – de vraag of een bepaalde gebeurtenis als ‘buitengewone omstandigheid’ moet worden aangemerkt sterk is verweven met de omstandigheden van het geval.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a17c756e08e1e500783230330a44295b515bc1249513389cee731e87bb395226. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a17c756e08e1e500783230330a44295b515bc1249513389cee731e87bb395226, en de alinea staat in dat document op bytes 90940 tot 91795.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a17c756e08e1e500783230330a44295b515bc1249513389cee731e87bb395226 | shasum -a 256