Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 januari 2020

Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 21 januari 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 januari 2020, ECLI:NL:PHR:2020:38.

[betrokkene 1] heeft aangevoerd dat hij [verdachte] in de jaren 2006 tot en met 2009 heeft bijgestaan bij zijn ondernemingen [B] en (later) [C] . [betrokkene 1] heeft de financierings-, kapitaal- en corporate governance structuur van [B] vormgegeven en andere financiers voor [B] aangetrokken en is intensief betrokken geweest bij de verkoop van [B] aan TomTom. Daarnaast heeft [betrokkene 1] twee commissariaten in de houdstermaatschappijen van [B] en [C] vervuld. Omdat [B] en [C] zogenaamde startups waren, waren er geen financiële middelen om [betrokkene 1] voor zijn werkzaamheden te betalen. Daarom heeft [verdachte] in juli 2010 aangeboden om tijdelijk een gedeelte van zijn inkomsten van SNSPF af te staan aan [betrokkene 1] ter aflossing van zijn “ereschuld”.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/efbdee511ecca571dad966d8557f8ba1cfa3c3848ff2f9a2550e9af99acff274. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt efbdee511ecca571dad966d8557f8ba1cfa3c3848ff2f9a2550e9af99acff274, en de alinea staat in dat document op bytes 16518 tot 17305.