Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 januari 2020

Alinea 69 Parket bij de Hoge Raad 21 januari 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 januari 2020, ECLI:NL:PHR:2020:38.

Het hof stelt voorop dat het niet twijfelt aan het feit dat [betrokkene 1] de door hem gestelde werkzaamheden, waaronder het bemiddelen bij het aantrekken van kapitaal, heeft verricht ten behoeve van [B] en [C] . Dat is ook de reden dat het hof niet is overgegaan tot het horen van getuigen op dit punt. Niet onderbouwd is dat de getuigen iets kunnen zeggen over afspraken tussen [betrokkene 1] en [verdachte] op dit punt, hooguit zouden zij iets kunnen zeggen over de voor dergelijke werkzaamheden gebruikelijke vergoedingen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/efbdee511ecca571dad966d8557f8ba1cfa3c3848ff2f9a2550e9af99acff274. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt efbdee511ecca571dad966d8557f8ba1cfa3c3848ff2f9a2550e9af99acff274, en de alinea staat in dat document op bytes 22371 tot 22911.