Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 april 2020

Onder 3.9 Parket bij de Hoge Raad 24 april 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 april 2020, ECLI:NL:PHR:2020:412.

Beide, een statische en een dynamische uitleg hebben bestaansrecht. Een statische uitleg is bijvoorbeeld aangewezen als een (meer) dynamische uitleg een bestaande uitvoeringspraktijk zou doorkruisen, zonder dat aan de overheid reeds eerder duidelijk had moeten zijn dat die praktijk niet toelaatbaar is. Het lijkt erop dat veel nationale rechters ook meer in het algemeen een voorkeur hebben voor een statische uitleg van het EVRM en dus het aan het EHRM overlaten om aan de rechtsontwikkeling op het terrein van de EVRM-rechten leiding te geven. Dit sluit echter de mogelijkheid van een (meer) dynamische uitleg niet uit. In ieder geval het EVRM heeft rechtstreekse werking (hierna 6.24) en burgers kunnen dus bij de rechter vragen om bescherming in de bij dat verdrag aan hen toegekende rechten. Het is dan de taak van de rechter om het ingeroepen mensenrecht – dat in het verdrag algemeen is geformuleerd, bijvoorbeeld als een ‘recht op leven’ (art. 2 EVRM) – te concretiseren en te begrenzen. Dat is voor de rechter geen ongebruikelijke rol, denk aan algemeen of zelfs vaag geformuleerde normen van nationale oorsprong: ook die moet de rechter steeds voor ieder aan hem voorgelegd geval concretiseren. Het spreekt niet op voorhand aan dat de rechter wat betreft mensenrechten bij iedere twijfel over de juiste uitleg, de overheid gelijk zou moeten geven. Mensenrechten dienen immers juist ter bescherming van de burger tegen die overheid.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/99e2f3a727cfa8f188d4d849ebd881cfffd83454cb04e3c2253d3e08c69abce7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 99e2f3a727cfa8f188d4d849ebd881cfffd83454cb04e3c2253d3e08c69abce7, en de alinea staat in dat document op bytes 42371 tot 43963.