Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2020
Onder 2.8 Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2020, ECLI:NL:PHR:2020:549.
De bepalingen van het eerste lid zijn ontleend aan bepalingen in de sfeer van met name de vennootschapsbelasting en de loonbelasting (zie bij voorbeeld artikel 27 van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 en artikel 32, eerste lid, onderdeel a, van de Wet op de loonbelasting 1964 in de teksten zoals die gelden voor 1987). Zij strekken ertoe om indien op een lichaam geen verhaal (meer) kan worden uitgeoefend in de genoemde gevallen van een lichaam zonder rechtspersoonlijkheid (waaronder zijn begrepen maat- en vennootschappen), een buiten Nederland gevestigd lichaam en een ontbonden lichaam , die personen aan te spreken voor de nog verschuldigde belasting die in een nauwe betrekking staan of stonden tot het desbetreffende lichaam en die invloed (hadden) kunnen uitoefenen inzake het betalen van de belastingschulden van dat lichaam.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/beca9b285ddac1d05a23a2923bdd60990ef9e86ee2e067a6aa53ebcfe95dc152. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt beca9b285ddac1d05a23a2923bdd60990ef9e86ee2e067a6aa53ebcfe95dc152, en de alinea staat in dat document op bytes 20405 tot 21330.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/beca9b285ddac1d05a23a2923bdd60990ef9e86ee2e067a6aa53ebcfe95dc152 | shasum -a 256