Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2020

Onder 3.39 Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2020, ECLI:NL:PHR:2020:562.

Ik bespreek nu eerst o nderdeel 5 . Dit klaagt onder verwijzing naar punt 19 van het arrest Streekgewest , samengevat, dat het hof heeft nagelaten te toetsen of Karmedia er belang bij heeft zich te beroepen op uit het uitvoeringsverbod “om de negatieve gevolgen ongedaan te laten maken van de door de onrechtmatige steunverlening teweeggebrachte concurrentievervalsing”, doordat het hof slechts heeft getoetst of Karmedia een concurrent of een heffingsbetaler is. Daartoe had het hof zich niet dienen te beperken aangezien Karmedia had aangevoerd dat zij overwoog in een procedure tegen de Gemeente een verklaring voor recht of een verbod van onrechtmatig verleende steun te vorderen. Het onderdeel klaagt subsidiair dat op dit punt de motivering van het oordeel van het hof over het beschermingsbereik van artikel 108 lid 3 VWEU tekort schiet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/08b9fa64869de36ac45b52e93e1134ddffe7638c10c9875ec683c48d63d913f5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 08b9fa64869de36ac45b52e93e1134ddffe7638c10c9875ec683c48d63d913f5, en de alinea staat in dat document op bytes 71854 tot 72785.