Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2020

Onder 3.24 Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2020, ECLI:NL:PHR:2020:562.

Men zou dus kunnen zeggen dat de door art. 108 lid 3, laatste volzin, VWEU beschermde kring van personen in die zin onbepaald is dat zij niet noodzakelijkerwijs is beperkt tot concurrenten of heffingsbetalers als bedoeld in het arrest Streekgewest , maar dat het wel moet gaan om personen die als concurrent, heffingbetaler of anderszins concreet in hun belangen worden geraakt. In het midden kan blijven welke gevallen in de restcategorie kunnen vallen. In ieder geval volgt uit de rechtspraak van het HvJ mijns inziens onmiskenbaar, dat art. 108 lid 3 VWEU niet vereist dat een partij die uitsluitend opkomt voor het algemene belang van handhaving van het staatssteunrecht, toegang moet hebben tot de nationale rechter.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/08b9fa64869de36ac45b52e93e1134ddffe7638c10c9875ec683c48d63d913f5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 08b9fa64869de36ac45b52e93e1134ddffe7638c10c9875ec683c48d63d913f5, en de alinea staat in dat document op bytes 49549 tot 50319.