Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2020
Onder 2.34 Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2020, ECLI:NL:PHR:2020:563.
Ik leid uit de klacht en de toelichting daarop af dat in feite wordt gedoeld op het leerstuk rechtsverwerking, dat een toepassing is van de derogerende werking van de redelijkheid en billijkheid. Vaste rechtspraak is dat voor rechtsverwerking het enkele tijdsverloop onvoldoende is. Er moet sprake zijn van bijzondere omstandigheden op grond waarvan bij de schuldenaar het gerechtvaardigd vertrouwen is gewekt dat de schuldeiser zijn aanspraak niet (meer) geldend zal maken, of waardoor de positie van de schuldenaar onredelijk benadeeld of verzwaard zou worden indien het recht of de bevoegdheid alsnog geldend zou worden gemaakt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7d949e5f3b10bef55a7efd1c67d1aab27a9c693260bafd7984940c499fc40f4a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7d949e5f3b10bef55a7efd1c67d1aab27a9c693260bafd7984940c499fc40f4a, en de alinea staat in dat document op bytes 53876 tot 54584.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7d949e5f3b10bef55a7efd1c67d1aab27a9c693260bafd7984940c499fc40f4a | shasum -a 256