Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2020

Onder 2.4 Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2020, ECLI:NL:PHR:2020:564.

De geciteerde regels uit het arrest Montis/ […] zijn van toepassing als sprake is van een vergissing in de partijaanduiding. Het moet gaan om een kennelijke vergissing: een vergissing die voor de betrokkenen, waaronder dus ook de beoogde procespartij, als zodanig kenbaar is. Steeds moet het onder de gegeven omstandigheden voor de beoogde procespartij bij ontvangst van het exploot duidelijk zijn geweest dat werd bedoeld haar in de procedure te betrekken. Bij de beoordeling of dit voor de betrokkenen duidelijk is of moet zijn, komt het aan op uitleg van het exploot. Hiervoor gelden de uitlegregels van art. 3:33-3:35 BW. Samengevat komt het erop aan wat betrokkenen hebben begrepen of redelijkerwijs hebben moeten begrijpen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee4b07fbfa9c271d6556d18c2806658f6996413b45734a8fc60e2456d953122b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee4b07fbfa9c271d6556d18c2806658f6996413b45734a8fc60e2456d953122b, en de alinea staat in dat document op bytes 17153 tot 18095.