Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2020
Onder 2.21 Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2020, ECLI:NL:PHR:2020:565.
Mocht aan de overweging met betrekking tot de gevorderde uitvoerbaarverklaring bij voorraad in rov. 22 toch meer betekenis toekomen, dan heeft het hof zijn gedachtegang over de verhouding tussen de uitvoerbaarverklaring bij voorraad van de hoofdveroordeling en de bekrachtiging van de door de rechtbank verleende uitvoeringstermijn in het dictum van het vonnis (in het geheel) niet inzichtelijk gemaakt. Overigens wordt het eventueel door het hof bedoelde effect van de uitvoerbaarverklaring bij voorraad (versnelling van de tenuitvoerlegging) dan nog verder teniet gedaan, aangezien dan vernietiging en verwijzing dient te volgen en de uitspraak nog steeds niet onherroepelijk is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8445f1a46543f3896627185d3c601bc0d1d3e71e0b3f56f6499fdfc34f6b2297. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8445f1a46543f3896627185d3c601bc0d1d3e71e0b3f56f6499fdfc34f6b2297, en de alinea staat in dat document op bytes 40178 tot 40873.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8445f1a46543f3896627185d3c601bc0d1d3e71e0b3f56f6499fdfc34f6b2297 | shasum -a 256