Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2020
Onder 5.2.2. Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2020, ECLI:NL:PHR:2020:6.
Geconstateerd kan worden dat ook in de navolgende jaren de activiteiten van [A] verliesgevend blijven. De huuropbrengsten zijn in alle navolgende jaren onvoldoende voor de uitbetaling aan de beleggers van het hen toegezegde rendement. Voor het resterend deel van de te betalen rendementen is [A] dan ook afhankelijk van de commissiegelden van de verdachte [medeverdachte 1] . De verdachte [medeverdachte 1] betaalt deze commissiegelden (20% van de inleggelden) aan [A] ter dekking van de kosten van verhuur, zoals promotiekosten, en onderhoud van de panden. De ontvangen inleggelden worden door de verdachte [medeverdachte 1] verder gebruikt voor de verschuldigde vergoeding aan de tussenpersonen die nieuwe beleggers aanbrengen, de aan de bank verschuldigde hypotheekrente, en overige zakelijk kosten waaronder juridische advisering en het betalen van vennootschap[s]belasting over de als 'omzet' aangemerkte inleggelden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/49fcb7c4c06b7116f7914e721b308ba5cdbfc9499ee40a6664d6eddc8411cd21. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 49fcb7c4c06b7116f7914e721b308ba5cdbfc9499ee40a6664d6eddc8411cd21, en de alinea staat in dat document op bytes 47009 tot 48009.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/49fcb7c4c06b7116f7914e721b308ba5cdbfc9499ee40a6664d6eddc8411cd21 | shasum -a 256