Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2020
Onder 3.1.3. Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2020, ECLI:NL:PHR:2020:6.
Aansluitend op de aankoop verhuurt de belegger zijn gebruiksrechten aan [medeverdachte 1] (later [A] ) teneinde te worden doorverhuurd aan derden - in beginsel professionele reisorganisaties. Van de opbrengst van dit doorverhuren ontvangt de belegger een vast bedrag, zijnde jaarlijks 10% van de inleg. Indien is gekozen voor de mogelijkheid van een (hierna te bespreken) bankgarantie wordt de jaarlijkse vergoeding verminderd tot 8% van de inleg. Het meerdere dat wordt ontvangen op de doorverhuur, het ‘surplus’ komt toe aan [medeverdachte 1] / [A] . Tegenover belegger [betrokkene 8] noemt de verdachte [verdachte] een huuropbrengst van 17% waaruit het betalen rendement alsmede de kosten zouden worden gedekt. Voor [A] resteert dan 4% margewinst, de verdachte [medeverdachte 1] zou op haar beurt vooral boekwinst behalen bij verkoop van appartementen. De door [A] gegenereerde verhuuropbrengsten blijven overigens van aanvang af (ver) achter bij de aan de beleggers uit te keren rendementen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/49fcb7c4c06b7116f7914e721b308ba5cdbfc9499ee40a6664d6eddc8411cd21. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 49fcb7c4c06b7116f7914e721b308ba5cdbfc9499ee40a6664d6eddc8411cd21, en de alinea staat in dat document op bytes 26543 tot 27557.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/49fcb7c4c06b7116f7914e721b308ba5cdbfc9499ee40a6664d6eddc8411cd21 | shasum -a 256