Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2020

Onder 3.18 Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2020, ECLI:NL:PHR:2020:608.

Het onderdeel treft doel. Uit art. 6:119a BW volgt dat wettelijke handelsrente alleen verschuldigd is indien betaling van het op grond van een handelsovereenkomst verschuldigde niet tijdig plaatsvindt. Niet voldoende is dus dat, zoals door Deka was aangevoerd, het Viñoly-gebouw en de ondergelegen parkeergarage commercieel verhuurde bedrijfsgebouwen zijn en door Deka respectievelijk Q-Park als beleggingsobject worden gehouden. Daaruit kan volgen dat sprake is van een handelsovereenkomst, maar niet dat betaling van het op grond van die overeenkomst verschuldigde niet tijdig heeft plaatsgevonden. De grondslag van de vordering van Deka is niet nakoming, maar onverschuldigde betaling.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1920f258658e59389103ba5ead0ef3bddbc6554116530b99b7969b05b59131b6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1920f258658e59389103ba5ead0ef3bddbc6554116530b99b7969b05b59131b6, en de alinea staat in dat document op bytes 53769 tot 54600.