Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2020

Onder 4.1. Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2020

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2020, ECLI:NL:PHR:2020:616.

Het belastbare feit dat aan de onderhavige naheffingsaanslag ten grondslag ligt, is de registratie van het voertuig bij de import in februari 2016. De vaststelling van de verschuldigde belasting vindt in beginsel plaats naar het tarief volgens artikel 9 van de Wet BPM, met een vermindering op de voet van artikel 10 van de Wet BPM, nu sprake is van een gebruikt voertuig. Bij die vaststelling is de historische bruto BPM het uitgangspunt, dat wil zeggen het bedrag dat op grond van artikel 9 van de Wet BPM zou zijn verschuldigd bij de eerste toelating op 29 maart 2012. Het door belanghebbende in de aangifte opgenomen bedrag van € 16.525 is niet de historische bruto BPM, maar een ten tijde van de eerste import door de Inspecteur gemaakte herrekening van de bruto BPM, die niet is gemaakt voor de vaststelling van de historische BPM, maar – zo heeft de Inspecteur ter zitting verduidelijkt – om ervoor te zorgen dat bij een mogelijk latere teruggave niet meer wordt terugbetaald dan is geheven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/73fcdb0156e49f4d299646b65ee0762980ae066b91a16c56cc6fb0d5fb16ee96. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 73fcdb0156e49f4d299646b65ee0762980ae066b91a16c56cc6fb0d5fb16ee96, en de alinea staat in dat document op bytes 24926 tot 25943.