Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2020
Alinea 26 Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2020, ECLI:NL:PHR:2020:620.
2 De behandeling ter terechtzitting van een ingesteld hoger beroep tegen een bij verstek gewezen vonnis van de rechtbank, niet zijnde de kantonrechter, is in ieder geval in het belang van een goede rechtsbedeling vereist indien de dagvaarding of oproeping om op de terechtzitting in eerste aanleg te verschijnen of de aanzegging of oproeping voor de nadere terechtzitting aan de verdachte niet in persoon is gedaan of betekend en zich geen andere omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit dat de dag van de terechtzitting of van de nadere terechtzitting de verdachte tevoren bekend was. De vorige zin is niet van toepassing in geval de dagvaarding of oproeping binnen zes weken nadat door de verdachte op de voet van artikel 257e verzet is gedaan, rechtsgeldig aan de verdachte is betekend met inachtneming van artikel 36g.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/49fef7337c366885411b5ac079b1403b4834fe4b06f2e7371f1638398a53efb1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 49fef7337c366885411b5ac079b1403b4834fe4b06f2e7371f1638398a53efb1, en de alinea staat in dat document op bytes 7513 tot 8359.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/49fef7337c366885411b5ac079b1403b4834fe4b06f2e7371f1638398a53efb1 | shasum -a 256