Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2020
Alinea 93 Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2020, ECLI:NL:PHR:2020:654.
54. Bij de tegemoetkoming staat de bescherming van de subjectieve rechten van de in de strafzaak terechtstaande verdachte centraal. Andere benamingen, zoals ‘compensatie-argument’, komen ook voor. Zowel het wegnemen van het geleden nadeel (reparatie) als het compenseren van schade die men niet kan of wil wegnemen (compensatie), brengen de verdachte zo veel mogelijk in de situatie waarin zijn rechten niet zouden zijn geschaad. Deze argumenten kunnen samen worden aangeduid als het tegemoetkomingsperspectief. Dit perspectief is in de rechtspraak van de Hoge Raad leidend, waarbij bijzondere nadruk ligt op het verzekeren van het recht op een eerlijk proces als bedoeld in art. 6 EVRM. Dat blijkt onder meer uit de drempelvoorwaarde van onherstelbaarheid en de daaraan gegeven uitleg, de toepassing van de Schutznorm, de uitleg van het begrip ‘nadeel’ als bedoeld in art. 359a, tweede lid, Sv, het in het Zwolsmancriterium besloten liggende vereiste dat aan een eerlijke behandeling van de zaak van de verdachte tekort is gedaan, de eerste in het arrest inzake de onbevoegde hulpofficier erkende categorie van gevallen waarin bewijsuitsluiting mogelijk is en de voorwaarden die worden gesteld aan strafvermindering.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/31b581bb368fb52355f3c8d62c84a1a690b3f8808ddef7e0a94524b094165512. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 31b581bb368fb52355f3c8d62c84a1a690b3f8808ddef7e0a94524b094165512, en de alinea staat in dat document op bytes 64848 tot 66250.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/31b581bb368fb52355f3c8d62c84a1a690b3f8808ddef7e0a94524b094165512 | shasum -a 256