Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 juni 2020
Onder 3.3. Parket bij de Hoge Raad 9 juni 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 juni 2020, ECLI:NL:PHR:2020:680.
- Zo bepaalt art. 24 lid 4 Sv dat de beschikking in beginsel onverwijld wordt toegezonden aan de procesdeelnemers. Dat betekent dat ook de respectievelijke beschikkingen van de Hoge Raad aan de klagers toegezonden behoren te worden. Deze stukken betreffen geen stukken als bedoeld in art. 23 lid 5, aangezien het openbaar ministerie die niet tot haar beschikking heeft (en dus niet kan overleggen). De toezending kan dus niet op grond van art. 23 lid 6 Sv worden onthouden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f461c8feeeb5b2b8f01ebec2d92daf3a819bc91962efe9ceb05ad3249203eb0d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f461c8feeeb5b2b8f01ebec2d92daf3a819bc91962efe9ceb05ad3249203eb0d, en de alinea staat in dat document op bytes 14629 tot 15115.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f461c8feeeb5b2b8f01ebec2d92daf3a819bc91962efe9ceb05ad3249203eb0d | shasum -a 256