Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2020
Onder 2.34 Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2020, ECLI:NL:PHR:2020:687.
Hierin valt geen betoog te lezen van 4 EW dat (ook) wanneer de merkproducten niet door Promeco aan Carrefour Frankrijk zouden zijn verkocht, er toch merkenrechtelijk sprake is van uitputting, omdat mede gelet op het betaald zijn van licentievergoedingen over alle merkproducten, waarmee en Laroche dus de economische waarde van haar merk heeft gerealiseerd, Carrefour Frankrijk in ieder geval over de (alle) merkproducten kon beschikken . Dit is ook niet in 4 EW’s stellingen in te lezen of mee te begrijpen volgens mij. Alles verkopen (en leveren) en restvoorraden van Carrefour Frankrijk terugkopen (en geleverd krijgen) is iets wezenlijks anders dan in ieder geval zonder koop (en levering) over alle merkproducten kunnen beschikken. Daarmee is inderdaad buiten de rechtsstrijd getreden. Er is hier geen sprake van een situatie dat het meerdere het mindere omvat, lijkt mij.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fd9905aeadaa2754aa778ea4e01e5d72c353db454e3cae464d9ae65235be6fc2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fd9905aeadaa2754aa778ea4e01e5d72c353db454e3cae464d9ae65235be6fc2, en de alinea staat in dat document op bytes 114602 tot 115558.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fd9905aeadaa2754aa778ea4e01e5d72c353db454e3cae464d9ae65235be6fc2 | shasum -a 256