Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 juli 2020
Onder 5.34 Parket bij de Hoge Raad 17 juli 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 juli 2020, ECLI:NL:PHR:2020:698.
“ 5.4 Met betrekking tot de bedoeling van partijen bij het aangaan van de rechtsverhouding overweegt het hof het volgende. Ter zitting heeft [verzoeker] op de vraag van het hof wat hem indertijd bij het sluiten van de dirigentenovereenkomst voor ogen stond, geantwoord dat hij een vaste arbeidsovereenkomst wilde en dat hij die na verloop van tijd ook wel verwacht had te krijgen, maar dat dit niet is gebeurd aangezien de dirigentenovereenkomst het enige contract is dat partijen zijn aangegaan. Er is een aantal concepten geweest waar op zijn instigatie zaken zijn uitgehaald, zoals de verplichting om te declareren. Bij zijn andere werkzaamheden in die tijd, bijvoorbeeld als dirigent in [plaatsnaam] en [plaatsnaam] , had hij steeds aangedrongen op een arbeidsovereenkomst. Hij heeft elders een overeenkomst van opdracht gehad, waarbij aan hem een bedrag in één keer voor de hele maand is betaald, aldus [verzoeker].
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6df37848d0ee9c9cb3b2630468962471a2150b1fe906ad2a6841f4439cfa1b9d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6df37848d0ee9c9cb3b2630468962471a2150b1fe906ad2a6841f4439cfa1b9d, en de alinea staat in dat document op bytes 128790 tot 129761.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6df37848d0ee9c9cb3b2630468962471a2150b1fe906ad2a6841f4439cfa1b9d | shasum -a 256