Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 juli 2020
Onder 2.5 Parket bij de Hoge Raad 17 juli 2020
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 juli 2020, ECLI:NL:PHR:2020:699.
De regeling van art. 4 lid 4 RWN is in 2009 ingevoerd. Tussen 2003 en 2009 voorzag de RWN in het geheel niet in een mogelijkheid om door (postnatale) erkenning het Nederlanderschap te verwerven. In 2007 heeft de Hoge Raad in twee beslissingen geoordeeld dat deze regeling te ver ging en in strijd was met art. 26 IVBPR. Volgens de Hoge Raad kon een erkenning tot het Nederlanderschap leiden in de gevallen waarin de erkenner in rechte aantoont dat hij de verwekker van het kind is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/27e81cbc5423593b5cbf9e06bb85819ad2ba945536183f4cdecaa20196002651. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 27e81cbc5423593b5cbf9e06bb85819ad2ba945536183f4cdecaa20196002651, en de alinea staat in dat document op bytes 11313 tot 11935.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/27e81cbc5423593b5cbf9e06bb85819ad2ba945536183f4cdecaa20196002651 | shasum -a 256